Helaas is de overhoormodule niet beschikbaar. Wel kun je deze lijst overhoren via WRTS. Klik op 'Overhoren'

Touchdown

6 #11 t/m 17

Jaar 5 (vwo)
 
 
Ingezonden door Jorg (Rembrandt College) op 09-03-2010 - 3364x bekeken. 
Nog niet genoeg stemmen voor waardering: geef je mening!
 

fouten in orginele lijst:
savor -) savour
global turndown -) global turn-down

succes met leren


Deze overhoring is meer dan zeven jaar geleden ingestuurd. Dit was de begintijd van woordjesleren.nl!!
Waarschijnlijk werk je met een recentere uitgave en wijkt jouw boek af van de inzending hierboven.



Reacties (1)

Jorg
09-03-2010 20:26
na het zelf gebruiken van de tekst bemerkte ik dat het heel lastig is om dubbele woorden als: smeden, scheppen te leren. daarom heb ik hier de aangepaste versie, ik kan deze echter niet in de lijst zetten om de een of andere reden.
expat = iemand die niet in zijn vaderland woont
savvy = schrander
accomplished = talentvol
sophisticate = wereldwijs iemand
to zip around = rondcrossen
ability to adapt = aanpassingsvermogen
precocious = vroegrijp
guidance counsellor = beroepskeuze adviseur
transition = overgang
to forge = smeden
critical = cruciaal
to feel grounded = thuis voelen
the physical home = het huis waarin het gezin woont
a host of = een massa
repatriation = terugkeer naar het vaderland
integration = integratie
socialization = leren aanpassen aan de cultuur
to grieve = treuren
to recognize = erkennen
weird = vreemd
to burgeon = snel groeien
to transfer = overplaatsen
to penetrate = doordringen
to be out of sync = uit de pas lopen
to be well versed in = goed thuis zijn in
patriotic = vaderlandslievend
to relate to = kunnen opschieten met
peer = leeftijdsgenoot
sophomoric = onvolwassen
to focus on = zich richten op
to circumvent = omzeilen
jarring = schokkend
to hug = omhelzen
anomaly = iets vreemds

to emerge = opduiken, te voorschijn komen
ferocity = hevigheid
to peter out = langzaam verdwijnen
respiratory syndrome = ademhalingsprobleem
pathogen = ziekteverwekker
virology = leer van de virusziekten
transmission = overdracht van ziekten
to predict = voorspellen
mortality rate = sterftecijfer
contagious = besmettelijk
severity = hevigheid
to avoid = vermijden
cancellation = annulering
to compel = dwingen
to confirm = bevestigen
decline = afname
disposable = wegwerpbaar
emergency = noodsituatie
implication = betrokkenheid
magnitude = omvang
mall = groot winkelcentrum
remote = afgelegen, ver weg van
to shrink = krimpen
spectre = schrikbeeld
threshold = drempel
to trigger = teweegbrengen
ubiquitous = alomtegenwoordig
to undermine = ondermijnen
to throng = in grote getallen komen naar
to savour = te genieten van
forlorn = eenzaam verlaten
pestilence = epidemie
to haunt = rondwaren, rondspoken
to rampage = rondrazen
to stunt = de groei belemmeren van
to derail = ontsporen
wild card = onzekere factor
jitters = nervositeit
to brace oneself for = zich voorbereiden op
knock-on effect = kettingreactie
brokerage = makelaardij
to scramble = vechten
core operations = belangrijkste activiteiten
to segregate = scheiden
to stay put = blijven waar je bent
contingency = onvoorziene gebeurtenis
global turn-down = wereldwijde economische crisis
to hunker down = door de knieën gaan
to suppress = onderdrukken
to hype = bejubelen
woe = rampspoed
to savage = fel aanvallen
to trivialise = onbetekenend doen lijken
to hawk = verspreiden
sophisticated = wereldwijs
thrill = opwindende belevenis
to generate = voortbrengen
aberration = afwijking
to succumb to = zwichten voor
to lament = klagen
interdependent = wederzijds afhankelijk
vestige = overblijfsel
rite of initiation = inwijdingsritueel
diabolic = duivels, slecht
degradation = achteruitgang
to deplete = uitputten
commodity = product
diversification = spreiding van investeringen
diversity = verscheidenheid
sustainable = natuurlijk verantwoord
revenue = inkomsten
incentive = stimulans
adverse = nadelig
to safeguard = beschermen
deforestation = ontbossing
alteration = verandering
inappropriate = ongeschikt
disposal = het verwijderen
influx = toevloed
inequality = ongelijkheid
to disseminate = verspreiden
vulnerable = kwetsbaar
double-edged = iets dat positieve en negatieve kanten bezit
asset = bezit
to accelerate = versnellen
to aggravate = verergeren
depletion = uitputting
extraction = onttrekking
desiccation = uitdroging
effluent = afvalwater
eutrophication = het te rijk aan voedsel maken
 


 



 

   
Door deze site te gebruiken, ga je akkoord met het gebruik van cookies voor analytische doeleinden, gepersonaliseerde inhoud en advertenties. Meer informatie.